Besparen op verlichten

U kunt ook energie besparen door gloei- en halogeenlampen te vervangen door ledlampen. Deze zijn zuiniger en gebruiken minder stroom. Ledlampen zijn duurder in de aanschaf, maar gaan lang mee en kosten op termijn minder vanwege het lage stroomverbruik.

Meer tips

  • Doe altijd de lampen uit als u de ruimte verlaat, ook al is dat kort.
  • maak zoveel mogelijk gebruik van het daglicht. Dan kunnen uw lampen uitblijven.
  • Spaarlampen zijn net zo zuinig als ledlampen, deze hoeft u dus niet te vervangen.
  • Energiezuinige lampen gebruiken tot 85% minder elektriciteit.

(Bron: Milieu Centraal)

Besparen op huishoudelijke apparaten

Moderne apparaten gebruiken minder energie dan oude exemplaren. Zo zijn koelkasten of vriezers ouder dan 15 jaar flinke ‘energieslurpers’. Huishoudelijke apparaten van voor het jaar 2000 kunt u dus beter vervangen. Koopt u een nieuwe stofzuiger of wasmachine, kies dan voor een A+++. Alleen dat label is écht energiezuinig.

Meer tips

  • Er zijn waterbesparende douchekoppen op de markt. U verbruikt minder water tijdens het douchen, maar merkt er niks van.
  • Uw vriezer en koelkast moeten harder werken als ze op een warme plek staan in uw woning. Kijk of u een mogelijkheid heeft deze te verplaatsen.
  • Elektrische apparaten hebben een energielabel. U kunt uw keuze hierdoor laten bepalen.
  • Oplaadbatterijen zijn beter voor het milieu. Probeer de batterijen niet te lang in de oplader te laten als ze al vol zijn.
  • En de was op 60° is niet meer nodig.
  • Zet televisies, notebooks en computers helemaal uit als u ze niet gebruikt.
  • Wassen op 30° is voldoende voor een schone was.
  • Oude apparaten kunt u inleveren bij het gemeentelijke afvalstation voor hergebruik.

(Bron: Milieu Centraal)

Besparen in de keuken

Ook in de keuken kunt u besparen op energie. Kleine dingen hebben al effect. Gebruik bijvoorbeeld een kleine pan op een kleine pit en doe de deksel op de pan als u kookt.

Meer tips

  • Verwarm niet meer water in de waterkoker dan u nodig heeft.
  • Warm op in de magnetron, dat gaat sneller en is energiezuiniger dan op het fornuis of in de oven.
  • Laat de (warm)waterkraan niet langer lopen dan noodzakelijk.
  • Kies voor een waterkoker in plaats van een kokend water kraan.
  • Controleer of de keukenkraan een waterbesparend mondstuk heeft.

(Bron: Milieu Centraal)

Koken op inductie

Inductie koken is koken op elektriciteit, dus niet op gas zoals nu vaak nog gebeurt. Het is makkelijk, veilig en schoon. Een inductiekookplaat werkt op stroom. Koken op inductie lijkt veel op koken op gas: u kunt de temperatuur zelf regelen. Maar het is wel veiliger dan gas omdat er geen vlam is waaraan u zich kan branden. Een inductieplaat is makkelijk schoon te maken.

Niet alle pannen zijn geschikt om op inductie mee te koken. Het is belangrijk dat een inductiepan een metalen, vlakke bodem heeft. U kunt altijd overstappen op inductie. Als u een nieuwe keuken neemt, is dat een logisch moment om voor inductie te kiezen.